MENU

Europese Unie
Tag Archive

332

Poetins politiek werkt averechts

Geen onderdeel van een categorie

januari 17, 2022

In het geopolitieke steekspel tussen het Westen en Rusland isoleert Wladimir Poetin zich steeds verder. De Russische inmenging sinds 2014 in de Donbas en de annexatie van De Krim – onderdelen van Oekraïene die etnisch Russisch zijn – hebben het Oekraïense nationalisme aangewakkerd. Oekraïene is Europeser geworden na 1991. Bijna alle satellietstaten van de voormalige Sovjetunie willen bij Europa en haar instituties (de EU en de NAVO) horen. Voor Poetin is dat een ondermijning van de Russische invloedsfeer. Hij ziet niet dat het Europese samenwerkingsmodel van wederkerigheid voor veel jonge Oosteuropese naties eenvoudig aantrekkelijker (want minder bedreigend) is dan de Russische machtspolitiek om afvallige vazalstaten terug in het Moederland te brengen, goedschiks, dan wel kwaadschiks.

Poetin wint tot nu toe de slagen in deze nieuwe Koude Oorlog maar hij kan de oorlog zelf niet winnen. Lees een goede analyse van Ivo van Wijdeven die in 2019 verscheen in de Internationale Spectator

https://spectator.clingendael.org/nl/publicatie/waarom-het-moederland-klein-rusland-niet-kan-loslaten

en een actuele update van de huidige situatie van Olivia Durand die gisteren verscheen op The Conversation, ‘Hoe Russisch is Oekraïene’.

Uit The Conversation:

”Een in 1762 gepubliceerd politiek pamflet beschreef een gesprek tussen “Groot Rusland” en “Klein Rusland”. In de uitwisseling weigerde Klein-Rusland zich te laten reduceren tot een deel van Groot-Rusland en bracht het zijn eigen unieke geschiedenis en identiteit naar voren. In die tijd werd de naam “Oekraïne” nog niet gebruikt om een staat aan te duiden. Maar het zelfstandig naamwoord oekraina – een woord dat in verschillende Slavische talen “grensgebied” betekent – werd al gebruikt om het toekomstige grondgebied aan te duiden: het uitgestrekte steppegebied rond de rivier Dnipro (Dnjepr) en grenzend aan de Zwarte Zee.

De term Klein-Rusland werd geleidelijk verlaten in het tijdperk van het nationalisme, toen 19de-eeuwse Oekraïenssprekende academici en denkers besloten de oude denigrerende term te ondermijnen om het moderne idee van Oekraïne als natie te ontwikkelen. Maar twee eeuwen later, onder het leiderschap van Vladimir Poetin, maakt Rusland gebruik van deze historische vertogen om zijn eigen invallen in onafhankelijk Oekraïne te rechtvaardigen. Hij maakte zijn gevoelens duidelijk in een artikel uit juli 2021, gepubliceerd op zijn presidentiële webpagina, toen hij schreef over Russen en Oekraïners als “één volk – één geheel”.

De hoofdstad van Oekraïne, Kyiv (of Kiev), is herhaaldelijk omschreven als de “moeder der Russische steden”. Kiev was het centrum van het Kievitisch Rus’ (882-1240), een orthodoxe middeleeuwse staat waartoe de Russische leiders – van de tsaren tot Poetin – de oorsprong van hun land herleiden (een afkomst die ook door Wit-Rusland en Oekraïne wordt beweerd). Deze bewering wordt vaak gebruikt om de aanspraken van Rusland op Oekraïens grondgebied te ondersteunen.

Maar dit is een misvatting. Terwijl de voorloper van het Russische rijk, Moskou, verrees in de nasleep van de Mongoolse invasie (1237-40) die het einde van de Rus betekende, namen de heersers van Moskou pas 500 jaar later de controle over Kiev over. De bewering van de Kyivaanse oorsprong was een handige methode om de Mongoolse en Tataarse elementen die aan de vroege ontwikkeling van Moskou ten grondslag lagen, te ontkennen en Rusland in plaats daarvan een orthodox verleden te geven, met tsaren die blijkbaar door God waren aangesteld.

De territoriale macht van Rusland over de overblijfselen van de Rus’ werd beperkt door het Pools-Litouwse Gemenebest (1569-1795), een bi-federatie van de twee grootmachten van Centraal-Europa. Het grootste deel van de regio die bekend staat als Oekraïne bleef buiten het Russische gezag tot de definitieve verdeling van Polen in 1795.

Wiens invloed?
Oekraïne is een van de grootste staten van Europa en zijn geografie werd beïnvloed door veel meer gebieden dan alleen Rusland. Aangezien Oekraïne oorspronkelijk “grensgebied” betekende, was het grondgebied het doelwit van verschillende koninkrijken – niet alleen Rusland, maar ook het Khanaat van de Krim, het Koninkrijk Polen, en de Habsburgse en Ottomaanse rijken.”

Coverbeeld: https://tinyurl.com/3wvdcrc4

Vertaald met www.DeepL.com/Translator (gratis versie)

download hier het hele stuk dan kun je het verder in het Engels lezen:

Read article

336

Europeanen en ‘pan-Europees’ denken

Europese politiek

januari 13, 2022

Ik schrijf dit meer uit nieuwsgierigheid dan vanuit de behoefte te willen overtuigen. Mijn nieuwsgierigheid spruit voort uit de vraag wat iets of iemand Europees maakt. Het is een zoektocht naar een Europese identiteit. Aan mijn vragen liggen wel veronderstellingen ten grondslag, maar die stel ik graag ter discussie.

Geert Mak stelt in de uitzending van NPO Radio1 op 27 december 2021 (in ‘Spraakmakers’ https://tinyurl.com/yckjvtha in het fragment vanaf min 8:00.)  dat ‘er voor jonge mensen allang geen grenzen meer bestaan in Europa’. Zij vinden elkaar op een ‘paneuropees’ gevoel van gelijkgestemdheid. Ze verkeren in dezelfde kringen: universiteit, Europastudies, online referentiekader, digital native, meertalig/Engelstalig, linksliberaal, reislustig.

Laurens Dassen, Tweede Kamerlid voor Volt Europa, noemde Volt Europa toen hem werd gevraagd wat de partij annex beweging nu specifiek kenmerkt en onderscheidt van andere pro-Europese, sociaal-liberale partijen zoals D66: ‘Wij zijn een pan-Europese partij’. Hij bedoelde dat de partij niet is gebonden aan een enkel land, maar dat zij een en dezelfde partij is in alle landen in Europa – van de Europese Unie – van hoog tot laag – van het Europarlement tot op het lokale, plaatselijke niveau.

Het idee is om de gehele politieke werkelijkheid in een Europees perspectief te zien: Ook het aanleggen van bij wijze van spreken een woonerf is dan ‘Europese politiek’.  Op het niveau van de praktische politiek is het rjongeren, woningnood, elevant dat ‘Volters aller landen’ zich online verenigen en op hun interne partijfora allerlei ‘best practises’ kunnen delen: Het aanpakken van de woningnood onder jongeren in Berlijn, Parijs of Milaan biedt hier allerlei aanknopingspunten.

Een mooi voorbeeld is een bottom-up-burgerinitiatief in Berlijn om het stadsbestuur dure huurwoningen in wooncomplexen van grote particuliere beleggers te laten onteigenen ten behoeve van sociale huisvesting. De initiatiefnemers hebben een referendum daarover afgedwongen dat zij hebben gewonnen. Grondwetten en nationale wetten bieden onteigeningsmogelijkheden: Eigendomsrecht is weliswaar economisch essentieel maar ook weer niet absoluut. De overheid heeft altijd vorderingsgronden. Er zijn mogelijkheden om het eigendomsrecht van woningspeculanten aan te vechten maar je moet wel weten hoe en kennis is macht. Paneuropees denken vergroot je kennis en macht.

Dat het wonen in (Europese) binnensteden (voor jongeren) onbetaalbaar is geworden is heel ironisch mede te wijten aan hun eigen reislust: AirBnB maakt betaalbaar onderdak vinden voor een toeristisch verblijf van enkele dagen ontzettend gemakkelijk en vooral jongeren maken daar massaal gebruik van maar het onderliggende principe van home-exchange zonder winstoogmerk is geperverteerd omdat ‘huisjesmelkers’ panden zijn gaan opkopen om ze continu voor een hoge prijs via AirBnB te verhuren. Gemeenten die deze uitwassen willen aanpakken, kijken ook ‘paneuropees’ naar elkaar. Paneuropees betekent eigenlijk vooral: Het wiel niet zelf te hoeven uitvinden.

De vraag is of er uit ‘alles Europees doen’ ook een Europese identiteit ontstaat die zich kan meten met de nationale of die de nationale identiteit zelf vervangt. Volt Europa koestert een federaal idealisme als het om Europa gaat. Hier dringt zich een analogie op met het ideaal dat ontstond tijdens de Duitse Romantiek in de negentiende eeuw: ‘Deutschland ueber Alles’, (de titel van het volkslied) dat geen exclusief, xenofoob nationalisme maar een inclusief natiegevoel weergaf. Duitsland als een ‘universeel’ ideaal waardoor de mensen in al die elkaar bevechtende minilandjes elkaar de hand zouden reiken om samen een betere wereld te maken.

Die jonge mensen voor wie er in Europa geen grenzen meer bestaan zijn bijna allemaal geboren na 1990, na de val van de Sovjetunie en het verdwijnen van het IJzeren Gordijn en de Berlijnse Muur. Ze reizen als toerist naar Midden- en Oost-Europa of ze komen als arbeidsmigrant vanuit Oost-Europa naar hier. ‘Mijn’ aannemer, Guray Saidov, is een etnisch-Turkse Bulgaar die in 1990 naar hier kwam en vernederlandst is, zeker doordat zijn jongste kinderen hier zijn geboren en opgegroeid.

Kijk om je heen en je ziet volksstammen Bulgaren, Roemenen, Polen, Tsjechen en Slowaken, Hongaren rondrijden in klusbusjes. Ze werken in de installatietechniek en de renovatie-verbouw of in de tuinbouwsector. Ze zijn EU-burger maar (nog) geen Europeaan. Ze staan met een been in Nederland en een been in hun vaderland, waarnaar ze heimwee hebben.

Ze hebben niet zoals misschien veel Volters het concept van een Europees staatsburgerschap geïnternaliseerd. In dat geval ben je dus geen Duitser of Brit meer of Frans of Italiaans, maar ‘Europees’ wat best verstrekkend is omdat nog steeds geldt dat je bent opgegroeid in een nationale cultuur en moedertaal. Hoogopgeleide jonge mensen zijn ‘selfeducated in European identity’.

Dat ‘pan-Europese’ federalisme, daarover nog dit: Welke dynamiek zal dat ontketenen? De Europese Unie heeft zelf het idee van de ‘Eurregio’s’ bedacht om ‘de nationale grenzen te laten vervagen. Een voorbeeld daarvan is de Eurregio tussen Maastricht, Aken en Leuven die inderdaad succesvol als een bestuurlijke en economische eenheid functioneert al is het maar omdat het huisvesting biedt aan het in marktkapitalisatie grootste bedrijf van Europa, de Veldhovens chipmachinemaker ASML (groter dan Siemens, Shell)

De interne markt zou zo de natiestaten die met hun nationalisme de grote oorlogen voedden, geleidelijk laten oplossen in ‘een verenigd Europa’ maar het regionalisme kan evengoed sluimerend separatisme wind in de zeilen geven: een onafhankelijk Baskenland, Catalonië, Schotland en wie weet wat nog meer. Europa herbergt vele oude dromen van zelfbeschikking.

Als ‘volkssoevereiniteit’ een ideologisch uitgangspunt is (het recht van burgers om zelf te bepalen hoe en door wie zij worden bestuurd), dan is die niet per se Europees maar zou dat evengoed een etnografische lappendeken van minilandjes kunnen worden. De vraag in Europees verband is dus waar soevereiniteit (het zelfbeschikkingsrecht van een willekeurige groep mensen) begint en eindigt. Lokale taal en tradities vormen voor het leeuwendeel van de 450 miljoen Europese burgers de emotionele kern van hun identiteit.

We willen toch niet dat de Europese Unie een ‘superstaat’ wordt die als een soort Sovjetunie vanuit Brussel over de zelfbeschikkingsaspiraties van mensen heen dendert.  Dat kun je misschien voorkomen door van het project een soort continue ‘brede maatschappelijke discussie’ te maken over de ‘grenzen van Europa’ zowel in termen van etnografische ‘volkssoevereiniteit’ en recht op zelfbestuur, als in termen van wat de gedeelde

‘Europese beschaving’ inhoudt en hoe Europa daarmee de geopolitieke turbulentie waarin het zich bevindt het hoofd biedt.

Ik googelde even op pan-Europa, paneuropisme en paneuropism en vind slechts twee pagina’s met zoekresultaten waarin enkele documenten die refereren aan enerzijds het pacifisme (o.m. naar Richard Coudenhove-Kalergi, https://en.wikipedia.org/wiki/Paneuropean_Union) maar anderzijds ook het fascisme. (O.m. ‘Szturm’ een radicaal-nationalistisch Pools tijdschrift. Pan-Europa is bij hun een nieuw nationaal-socialisme.)

Het is dus met het zomaar munten van het idee ‘pan-Europees’ oppassen geblazen. Er waren al een paar anderen op dat idee gekomen met duidelijk aan het (Italiaanse neo-)fascisme gelieerde intenties. Je bevindt je zomaar ineens in een merkwaardig gezelschap. Dat maakt een debat over een gedeelde Europese identiteit en gemeenschappelijke Europese waarden noodzakelijk.

Read article

557

Brussel dus.

Cities, Culture

november 1, 2021

Brussel. Ik was er enkele malen geweest om zakelijke redenen maar nu Karin en ik het wat rustiger aan doen diende zich een gelegenheid aan om de stad eens wat uitgebreider te bezoeken. We boekten twee nachten in een aardig, eenvoudig hotel (Adagio) in een zijstraat van de Rue Belliard, de Nijverheidsstraat of Rue de l’industrie wat al het officiële gaat in Brussel tweetalig in Frans en Nederlands.

Het terras op de Kunstberg bij de Koninklijke Bibliotheek met nabij de toren van het stadhuis op de Grote Markt en links daar achter in de verte de Nationale Basiliek van het Heilig Hart op de Koekelberg.

De stad wordt algemeen beschouwd als de officieuze hoofdstad van Europa, d.w.z. de Europese Unie. Officieus omdat de EU immers (nog) geen land is. Hoe is Brussel eigenlijk ‘Europese hoofdstad’ geworden? Ik veroorloof mij enige speculatie en stap met zevenmijlslaarzen door de geschiedenis. België hoort samen met Nederland en Luxemburg tot de founding states  van het verenigde Europa en de Benelux vormde als eerste na-oorlogse kleine douane-unie een soort pilot voor de latere Europese Gemeenschap. België, en Luxemburg hadden vanaf 1815 al een tijdje één staat gevormd met de noordelijke Nederlanden (de voormalige Republiek).Tot de Belgische opstand en afscheiding van 1830-1839.

Brussel was in het Habsburgse rijk al een hofstad vanaf de late middeleeuwen maar de Belgische koning Leopold II (1835-1909) heeft vanaf het moment dat hij koning werd in 1865 als ‘bouwheer’ behoorlijk huisgehouden in Brussel en liet er tal van monumentale gebouwen neerzetten die de stad nu doen denken aan Parijs vooral ook omdat de straten allemaal geplaveid zijn met kasseien of ‘kinderhoofdjes’. (Alhoewel de triomfboog in het Jubelpark vrijwel een kopie is van de Brandenburger Tor in Berlijn.)

Dankzij Leopold II die regeerde vanaf 1865 en stierf in 1909 wemelt het in Brussel van dit soort neoclassicistische bouwwerken langs avenues van kasseien die de stad een Parijs’ aanzien geven.

Die negentiende -eeuwse eruptie van koninklijke bouwkoorts heeft ervoor gezorgd dat toen de nieuwe Europese instellingen begin jaren vijftig huisvesting nodig hadden, Brussel een goede kandidaat was. Wat ook hielp was dat België een ongevaarlijk klein landje is, dat tweetalig is – zelfs drietalig is want er wordt ook Duits gesproken. Straatsburg is natuurlijk ook gepusht, met name door Frankrijk maar dat lijkt het toch definitief niet te gaan redden als Europese hoofdstad. En Luik en zelfs Amsterdam waren even in beeld. Maar Brussel ligt op de grens van het Germaanse en het Latijnse Europa, geografisch centraal en is goed bereikbaar vanuit zowel Parijs als Berlijn.

Er werken een slordige vijftigduizend ‘eurocraten’ in Brussel en die willen elke ochtend naar de paar vierkante kilometers waar zich de Europese wijk bevindt. Veel doen dat per auto dus in de Nijverheidsstraat – en andere zijstraten – staat het verkeer een groot gedeelte van de dag vast omdat het verkeerslicht het verkeer gedoseerd loost op de Rue Belliard waar het continu doorheen raast.

Tienduizenden eurocraten wurmen zich de ganse dag per auto door de nauwe straten van Brussel op weg naar de parkeergarages onder een van de vele glasbetonnen kantoren die onveranderlijk getooid zijn met de vlaggen van de landen van de Unie en die van de Unie zelf.

Hier kan eurocommissaris Frans Timmermans nog wat heilzaam zendingswerk verrichten voor zijn ‘Green Deal’ het verduurzamen en vergroenen van het Europese continent. Her en der zie je wel iets dat lijkt op fietspaden maar hier is nog een lange weg te gaan.

We hebben alles te voet gedaan wat redelijk te doen is. Wat vooral vermoeit is het klimmen en dalen: Brussel is een heuvelachtige stad. Dat levert zo nu en dan wel prachtig uitzicht op.

Het Europese informatiekantoor aan de Rue Belliard adverteert uitbundig alle goede doelen die de Unie nastreeft

Het informatiebureau van de Europese Unie adverteert uitbundig alle nobele doelen die de Unie nastreeft.

We bezochten het Magrittemuseum in het reusachtige museum voor Schone Kunsten. Zijn schilderijen hebben het dromerige surrealisme dat zo goed past bij België en bij Brussel in het bijzonder. Een gespleten land en stad. Magritte stelt vanzelfsprekendheden ter discussie als het gaat om de namen die we geven aan voorwerpen en begrippen. Het gewone wordt dan opeens absurdistisch. Naam, betekenis en het voorwerp waartoe ze behoren, raken van elkaar losgezongen.

Nu wij Magritte hebben bewonderd in zijn ‘natuurlijke Belgische habitat’, een land met taal- en cultuurgrenzen, begrijpen wij zijn pre-occupatie met taal, naamgeving aan voorwerpen en betekenis beter. Hij was op een conceptuele manier bezig met communicatie.

Rene Magritte’s gedachten over beeld, begrip, betekenis en naamgeving.

In het Huis van de Europese geschiedenis raak je ondergedompeld in de absurditeit van oorlog – vooral van de Eerste Wereldoorlog die daar veel meer dan in Nederland diepe littekens heeft achtergelaten in het collectieve geheugen. Een ongekende massale vernietiging van mensen op industriële schaal die vanaf tableaus en vanuit vitrines over je wordt uitgestort en die je gedeprimeerd achterlaat. Indrukwekkend, dat wel.

Het Huis van de Europese geschiedenis bevindt zich op een steenworp afstand van het Europese Parlement waar een medewerker van het informatiebureau ons zowat naar binnen sleurt voor een audiotour van een half uur waarbij we een kijkje kunnen nemen in de grote vergaderzaal.

Hier wordt ons de les getoond die Europa heeft geleerd van zijn gewelddadige geschiedenis. De 750 afgevaardigden kunnen ieder in de eigen landstaal het woord voeren en een groot aantal simultaanvertalers zorgt dat elke afgevaardigde dat ook weer in de eigen landstaal kan beluisteren.


Het Stripmuseum aan de Zandstraat is gevestigd in een prachtig voormalig artdeco warenhuis dat uitbundig is versierd met ijzeren en glazen ornamenten.

Nu waren we wel toe een wat lichtvoetigheid en die vind je in Brussel in het nationale stripmuseum aan de Zandstraat ofwel Centre Belge de la bande dessinée, of kortweg musée de la BD. BD is strip in het Frans. Het voormalige warenhuis in art deco-stijl waarin het is gevestigd is op zichzelf al een bezoek waard.

De Europese Unie heeft een waardige hoofdstad gekozen waarin nochtans cultuur en natuur wel wat meer ruimte zou mogen veroveren op het drukke autoverkeer van haastige eurocraten.

We sluiten af met een Brussels liefdesliedje:

Read article

3050

Knok eens voor Europa, Mark Rutte, en schuif het niet op de burgers af

Cities, Culture

december 5, 2016

Was dit niet die man die over Europa zei ‘dat we geen behoefte hebben aan ideologische vergezichten’? Natuurlijk moet een politicus OOK naar de burgers luisteren, maar wat hij eerst en bovenal moet doen is ZELF een idee hebben welke kant het op moet. Het politieke discours is een beetje verworden tot een soort Marktplaats voor opportunisten: goed kijken hoe de wind waait, hoe de hazen lopen en daar dan achteraan.
Wat iedereen zo wat vergeten is, is dat het idee van de Europese Unie is ontstaan uit twee oorlogen die op dit continent ontstonden, die de hele wereld in brand zetten en die tientallen miljoenen mensen het leven hebben gekost. Wat de EU een uniek project zonder enig historisch precedent maakt, is dat soevereine staten zich op vrijwillige basis hebben verenigd. En dat er een opt out is: zie de Brexit. Europeanen houden elkaar niet onder de militaire knoet zoals gebruikelijk was in de Sovjet Unie en zoals in China, dat Tibet annexeerde.
Wij zijn geen vazalstaten van ‘Brussel’. Het Europese project heeft wel veel te veel een eigen momentum gekregen, een eigen logica, een elitisme, waardoor het vervreemd is geraakt van ‘de burgers’. Er zijn grote sociale hiaten in ontstaan. Daar moet je dan volgens mij wat aan doen, in plaats van het kind met het badwater weg te gooien via referenda. Dat begint met een inspirerend verhaal: Europa is geen Brusselse fictie. Tachtig procent van het internationale toerisme heeft Europa als bestemming. Europa is het grootste culturele themapark ter wereld en staat als zodanig op het netvlies van elke Aziaat en Amerikaan. Nergens vind je zoveel historische steden op zo’n korte afstand van elkaar, verbonden door zulke frequente en comfortabele spoor- en vliegverbindingen.
De opmerking van Rutte herinnerde mij aan een rede die socioloog Gabriel van den Brink (geen familie van mij) in 2012 hield voor de Raad voor het Openbaar Bestuur (ROB) en waarin hij de vinger op de zere plek legt. Als politici, die een voorbeeld voor ons zijn, niet bereid zijn te knokken voor Europa, kijk dan ook niet vreemd op als de burgers afhaken in tijden van onzekerheid. Het verval van Europa is niet te wijten aan populisme van onderop, de rot begint aan de top, bij de politieke elite. Dus doe daar wat aan Mark, kom eens met een goed verhaal. Begin maar met de rede van Gabriel van den Brink. Hier staat-ie: http://tinyurl.com/hxrc2ve

 

Read article