MENU

Design
Category

Zweden bedenken nieuw zeilschip

Design

september 16, 2020

(Uit Maakindustrie.nl) Oceanbird is een gigantisch vrachtschip dat maximaal 7.000 auto’s kan vervoeren met een gemiddelde snelheid van 10 knopen. Dat is niet zo snel als een conventioneel vrachtschip maar is toch al aardige prestatie. Voor de voortstuwing zorgen vier kolossale 80-meter hoge uitschuifbare vleugelzeilen. De uitstoot van de Oceanbird ligt daarmee maar liefst 90 procent lager dan die van conventionele vrachtschepen .

Vleugelzeilen

De vleugelzeilen, opgebouwd uit metaal en composietmaterialen, kunnen worden ingetrokken tot ongeveer 20 m. Op die manier kan ook onder stormachtige omstandigheden gewoon worden doorgevaren of onder bruggen door worden gegaan. Naast de zeilen blijft de Oceanbird voor een deel van het vermogen toch afhankelijk van motoren al was het alleen maar om goed de haven in de manoeuvreren of om het schip in geval van nood bestuurbaar te houden.

De Oceanbird is een samenwerkingsproject tussen de scheepsbouwer Wallenius Marine, het Zweedse onderzoeksinstituut SSPA en het Koninklijk Instituut voor Technologie in Stockholm. Het zeilschip heeft een lengte van ongeveer 200 m en een breedte van 40 m. Naast vrachtschepen leent dezelfde technologie zich ook voor andere grote schepen, zoals cruiseschepen. Het is vooralsnog onwaarschijnlijk dat het containerschepen zal gaan vervangen. Deze hebben nu eenmaal het gehele dekoppervlak nodig om containers te kunnen stapelen.

Dat zeilvaart de nodige voordelen biedt, bewijzen de cijfers: de commerciële scheepvaart draagt ongeveer 2,5 procent bij aan de wereldwijde CO2-uitstoot en is verantwoordelijk voor 18-30 procent van de stikstofoxiden die vrijkomen in de atmosfeer. Door de goedkope, vuile brandstof veroorzaakt de commerciële scheepvaart bovendien 9 procent van de zwaveloxiden dankzij goedkope, vuile brandstof. Zien wat het zeilen betekent? Onderstaande video geeft een aardige indruk. (Uit: Maakindustrie.nl)

 

 


Read article

Screen Shot 2020-06-17 at 11.20.53

141

Lada ziet Abraham

Design

juni 15, 2020



Ja, sorry hoor, alweer iets met auto’s: de Lada is 50 jaar geworden. We hebben de echte verjaardag op 19 april gemist, maar beter laat dan nooit. We hebben het over de iconische Lada 2101, die rijdende blokkendoos is is ontwikkeld uit de Fiat 124 (Auto van het Jaar in 1967) en die kwam uit een fabriek in de Russische stad Togliatti, genoemd naar de Italiaanse communist Palmiro Togliatti – want Rusland heette toen Sovjet Unie en was (in naam) een socialistische republiek op weg naar de gedroomde communistische samenleving. (Die er zoals we weten nooit is gekomen.)

De Lada moest de Russische volkswagen worden, wat in Duitsland al snel na de Tweede Wereldoorlog de Volkswagen Kever werd. Oost-Duitsland had zijn eigen volkswagen, de Trabant. Echt wagens voor het volk zijn ze nooit geworden, al was het maar omdat de wachttijd voor iemand die eindelijk het geld had om er eentje te bestellen kon oplopen tot tien jaar of langer.

De Lada 2101 was in Hongarije heel populair als de Zhiguli. De oorspronkelijke bouwer was Avtovaz dat tegenwoordig onderdeel is van Renault en waarvan de rechtsvorm, N.V,. is fiscaal-juridisch is gevestigd in Nederland. Hoe Europees wil je het hebben…

Screen Shot 2020-06-17 at 11.35.47

 

zie ook:

https://de.euronews.com/2020/06/16/lada-ein-kultauto-wird-50

en:

https://www.lada.ru/en/press-releases/117363.html

en:

https://dailynewshungary.com/nostalgia-retro-cars-hungary-photo-gallery/#:~:text=Zhiguli,%E2%80%9D%20%5BVolga%20Automobile%20Plant%5D.

Read article

Screen Shot 2020-05-28 at 12.40.00

120

10 Beste Europese virtuele musea

Cities, Culture, Design

mei 28, 2020

Kunst vanuit huis – 10 van de beste virtuele museumbelevenissen in Europa
Hoe het British Museum, het Louvre, de Uffizi en meer hun schatten bij uw thuis brengen.

1
British Museum, Londen

Een virtuele rondleiding door het museum
Een groot deel van de collectie van het British Museum van ongeveer acht miljoen objecten, verspreid over meer dan twee miljoen jaar menselijke geschiedenis en cultuur, is online te bekijken. De Google Arts & Culture virtuele tour is misschien wel de leukste manier.

Hoogtepunten op de ‘virtuele’ tentoonstelling zijn onder andere de Lewis Chessmen, een opmerkelijke groep 12e-eeuwse schaakstukken gesneden uit walrus ivoor en walvissentanden, en de versierde houten kist van een oude Egyptenaar met de naam Pasenhor. Het Museum van de Wereldtijdlijn, gecureerd per categorie, continent en eeuw, is een briljant alternatief voor diegenen die op zoek zijn naar tentoonstellingen.

Voor leerkrachten en ouders die thuisonderwijs volgen, omvat de uitgebreide bank met gratis leermiddelen van het museum alles van het oude Egypte en de Japanse prentkunst tot teken- en kritische denkactiviteiten voor peuters en tieners.
Niet te missen… De reeks downloadbare podcasts van het British Museum. Blader door het archief van 13 afleveringen om meer te horen over de activiteit van het museum, van tentoonstellingen tot toegankelijkheidsprogramma’s.

2

Uffizi Galerij, Florence

Geniet van een virtuele wandeling door de Uffizi Galerij
De Uffizi herbergt een van ‘s werelds meest opmerkelijke collecties beeldhouwwerken en schilderijen van de middeleeuwen tot de moderne periode, waaronder oude beelden en borstbeelden die ooit deel uitmaakten van de collectie van de Medici-familie.

Maak een digitale wandeling door de galerijen om je te verbazen over meesterwerken als Leonardo da Vinci’s Aanbidding der Koningen (1480-81) en De Geboorte van Venus (1483-85) van Sandro Botticelli. Naast de virtuele tour van Google Arts & Culture kunt u vier online tentoonstellingen bekijken, die elk gewijd zijn aan een uitstekend werk in de collectie van het museum.
Elders op de homepage van het museum vindt u links naar de doorzoekbare digitale archieven en het online magazine.

Niet te missen… Titian’s Venus van Urbino (1532-34), gekocht door de hertog van Urbino als een geschenk voor zijn jonge vrouw in 1538. Het schilderij – dat een naakte jonge vrouw afbeeldt die traditioneel wordt geïdentificeerd als de godin Venus in een huiselijk interieur – wordt algemeen beschouwd als een van de meest sensuele schilderijen van de 16de eeuw.

 

3
Louvre, Parijs

Kijk eens naar Apollo’s Gallery Hoewel het meest bezochte museum ter wereld nu tijdelijk gesloten is, kunt u nog steeds een deel van de opmerkelijke collectie van ongeveer 380.000 objecten online verkennen. Elk van de vier virtuele rondleidingen van het museum (Adobe Flash Player is vereist) is voorzien van een interactieve kaart en gedetailleerde uitleg over de belangrijkste werken.

Ontdek de geschiedenis van het Louvre als paleis en museum tijdens de ‘Medieval Tour’, of neem de ‘Egyptian Antiquities’ tour voor een wandeling door de oostelijke vleugel van het Louvre (Sully), de thuisbasis van de prachtige Tanis Sphinx (2600 voor Christus).
Niet te missen… De virtuele rondleiding door de Apollo Galerij, de eerste Koninklijke Galerij voor Lodewijk XIV. De galerij is herbouwd na een brand in 1661 en bevat 41 schilderijen, 118 beeldhouwwerken en 28 wandtapijten, waaronder De triomf van Neptunus, Avond of Morpheus en Nacht of Diana van Charles Le Brun.

4

Rijksmuseum, Amsterdam

Ontdek de geheimen van Rembrandt’s Nachtwacht
Als antwoord op de huidige gezondheidscrisis heeft het Rijksmuseum het Rijksmuseum From Home gelanceerd, een briljant multimediaal initiatief dat bezoekers 10 manieren biedt om zich online met de collectie bezig te houden. Hoogtepunten van het nieuwe digitale programma zijn de korte videoserie #Rijksmuseumfromhome, waarin museumconservatoren hun favoriete werken in het museum bespreken, en Masterpieces Up Close.

In deze laatste serie worden de werken in de Eregalerij van het Rijksmuseum, waar onder andere Vermeers Brieflezende Vrouw (circa 1663) en Rembrandts Joodse Bruid (circa 1665-1669) te zien zijn, op een gelikte manier nagebootst. Als u door de galerie ‘wandelt’, klikt u op werken om in te zoomen en ze van dichtbij te bekijken. Van de tentoongestelde werken hebben er ongeveer 20 een bijbehorende audiobeschrijving.

Niet te missen… Operatie Nachtwacht, een uitgebreide duik in Rembrandts beroemdste schilderij: De Nachtwacht (1642). In de intuïtieve multimediapresentatie worden de geheimen, de geschiedenis en de compositie van het schilderij op een onderhoudende manier uitgepakt.

 

 5
– Guggenheim, Bilbao

Watch Buigzwaartekracht nu Het Guggenheim Museum Bilbao, ontworpen door de Canadese architect Frank Gehry en gebouwd tussen 1993 en 1997, is een mijlpaal in de 20e eeuwse architectuur. Georganiseerd rond een centraal atrium, kunnen de drie niveaus van het museum nu met één druk op de knop worden verkend.

Om de buitenkant en de binnenkant van het museum te bekijken, kunt u een ontspannen digitale wandeling maken door de permanente collectie, met werken van moderne en hedendaagse kunstenaars, zoals Anish Kapoor, Anselm Kiefer en Yves Klein. Kijk voor een sneller tempo naar Bending Gravity, een spannende korte video (in het Engels) die het museumgebouw verkent gezien door de ogen van stadsfotograaf Trashhand en freerunner Johan Tonnoir.
Spaanstaligen kunnen ook genieten van een reeks door de curator geleide videotours als onderdeel van het initiatief van het Guggenheim om het museum en zijn collectie bij u thuis te brengen.
Niet te missen… De korte introductie van Maman (1997), een gigantische bronzen spin van de Frans-Amerikaanse kunstenares Louise Bourgeois. Oorspronkelijk bedacht voor de Turbine Hall van Tate Modern in 2000, is het beeld nu een van de meest herkenbare werken van de kunstenaar.

 6

Thyssen-Bornemisza Nationaal Museum, Madrid

Neem een virtuele tour door Rembrandt en Amsterdam portretkunst, 1590-1670
Thyssen-Bornemisza in Madrid heeft een leuke virtuele tour onthuld van de blockbuster tentoonstelling, Rembrandt en Amsterdam portretten, 1590-1670. De tentoonstelling brengt de activiteiten van de Nederlandse kunstenaar als portretschilder in kaart en toont zo’n 40 schilderijen van Rembrandt naast werken van zijn meest getalenteerde collega’s.
Voor meer informatie over Rembrandts leven en kunst kunt u een korte videotour door de tentoonstelling maken (in het Engels met Spaanse ondertiteling) met curator Norbert E. Middelkoo, of door de bijbehorende interactieve publicatie bladeren.
Naast Rembrandt is er een virtuele rondleiding door de vaste collectie van het museum, die meer dan acht eeuwen kunstgeschiedenis omvat met werken van onder andere Paul Cézanne, Franz Marc en Ernst Ludwig Kirchner. Online kunt u ook links vinden naar een groot aantal thematische rondleidingen door de collectie.

 

7
National Gallery, Londen

Neem een virtuele tour door de Sainsbury Wing
De homepage van de National Gallery biedt een groot aantal links naar de bronnen thuis, waaronder video’s achter de schermen, verhaaleigenschappen, gedetailleerde gidsen om de werken te bekijken en virtuele rondleidingen.

In 2016 werkte het museum samen met Google Street View om 360-graden tours aan te bieden in de centrale hal en de zalen 4, 5, 9, 10, 11, 12 en 15. Hoewel de interactieve pijlen op deze rondleidingen frustrerend zijn om te navigeren, ga je door en kom je oog in oog te staan met Renaissance meesterwerken uit Noord-Italië, Nederland en Duitsland, waaronder werken van Titiaan, Veronese en Holbein.

Er wordt ook een 3D-tour van de Sainsbury Wing aangeboden, de thuisbasis van de collectie schilderijen uit de vroege Renaissance, en een extra virtuele Adobe Flash-tour in 2011 van nog eens 18 galerieën. Deze laatste is geïntegreerd met de informatiepagina’s van het museum, zodat u snel en eenvoudig meer te weten kunt komen over de schilderijen en de kunstenaars die ze hebben geschilderd.

 8

Vaticaanse Musea, Rome

Marvel bij de fresco’s van de Sixtijnse Kapel
Op de webpagina ‘Ontdek de Musea’ vindt u links naar 360 graden virtuele rondleidingen door de zeven populairste sites van het Vaticaan, waaronder de Sixtijnse Kapel, de Rafaëlzaal en het Chiaramonti-museum. Er is ook een van de Necropolis van de Via Triumphalis, een uitstekend voorbeeld van een oude Romeinse begraafplaats.
Daarnaast zijn er korte online video’s van andere populaire Vaticaanse sites, waaronder het Christelijk Museum en de 17de-eeuwse Kapel van Paus Urbanus VIII Barberini.

Mis niet… De kans om het prachtige beschilderde plafond van de Sixtijnse Kapel, die nog steeds de belangrijkste diensten van de pauselijke kalender herbergt, van dichtbij te bekijken. Het meesterwerk van Michelangelo, dat in 1512 werd voltooid, beslaat meer dan 5.000 vierkante meter en bevat meer dan 300 figuren.

 

9
Het Staatsmuseum Hermitage, St. Petersburg

Bewonder het enige werk van Michelangelo in Rusland.
In een poging haar opmerkelijke collectie te delen met publiek over de hele wereld, heeft de State Hermitage een nieuwe serie video-uitzendingen op YouTube gelanceerd over werken in de collectie (momenteel alleen beschikbaar in het Russisch). Online vindt u ook een selectie van educatieve artikelen in het Engels, die alles in kaart brengen, van de geschiedenis en de architectuur van het museum tot de belangrijkste mecenassen.

 

10

Pergamon-museum

Het Pergamon Museum in Berlijn is de thuisbasis van een van de belangrijkste collecties Griekse en Romeinse kunst ter wereld, evenals een opmerkelijke verzameling van islamitische kunst en kunst uit het Midden-Oosten. De bibliotheek van online activiteiten en bronnen bevat een doorzoekbare digitale database van de collectie, een 360-graden virtuele rondleiding door de museumzalen en, het meest indrukwekkend, een 3D-model van de stertentoonstelling, het Pergamon-altaar.

Het altaar is gebouwd tijdens het bewind van Eumenes II, koning van Pergamon (in het westen van wat nu Turkije is) in de eerste helft van de 2e eeuw voor Christus en toont de Gigantomachie, de strijd tussen de Olympische Goden en de Giganten. De zaal met het altaar is gesloten voor renovatie tot ten minste 2024, dus maak gebruik van het 3D-model, waarmee u het Hellenistische meesterwerk van dichtbij kunt bekijken.

Niet te missen…De Marktpoort van Miletus, een van de bekendste tentoonstellingsstukken in het Pergamon Museum. Dit grote marmeren monument werd in de 2e eeuw na Christus in Miletus gebouwd, maar werd in de 10e of 11e eeuw door een aardbeving verwoest. Het werd later opgegraven door een Duits archeologisch team en herbouwd om te worden tentoongesteld in het Pergamon.

Vertaald met www.DeepL.com/Translator (gratis versie)

https://www.christies.com/features/10-of-the-best-virtual-museum-experiences-in-Europe-10389-1.aspx

https://www.iamexpat.nl/lifestyle/lifestyle-news/european-museums-you-can-visit-virtual-tours

 

 

Read article

Marold-Cabdriver

190

Typisch Europa (9): Luděk Alois Marold

Cities, Culture, Design

mei 26, 2020

 

Luděk Alois Marold (7 Augustus 1865, Prague – 1 December 1898, Praag) was Tjechische schilder en illustrator, vooral bekend om zijn best known panorama van de slag om Lipany (Battle of Lipany). Het is het grootste schilderij in de Tjechische Republiek en heeft een eigen paviljoen in het Výstaviště tentoonstellingscomplex.

Marold werd buitenechtelijk geboren en kreeg de achternaam van zijn moeder. Zijn vader, een legerluitenant, werd het jaar daarop gedood tijdens de Oostenrijks-Pruisische oorlog en zijn moeder stierf zes jaar later. De volgende negen jaar van zijn leven zijn grotendeels ongedocumenteerd, hoewel hij blijkbaar probeerde op de Cadetten School te komen, maar niet slaagde voor de examens.[1] Op zestienjarige leeftijd ging hij naar de Academie voor Schone Kunsten, maar bleef slechts een jaar en werd er toen vanaf gezet.

Hij hervatte zijn studie werd pas in 1881, toen hij zich inschreef aan de Academie voor Schone Kunsten in München, waar zijn leermeesters Ludwig von Löfftz en Nikolaos Gysis waren.[2] Daar wisselde hij van gedachten met andere Tsjechische schilders zoals Mikoláš Aleš en Alfons Mucha. Zijn eerste professionele successen kwamen als illustrator voor verschillende Duitse en Tsjechische tijdschriften, zoals Světozor.[1]

In deze tijd begon hij te lijden aan reumatische koorts en in 1887 keerde hij terug naar Praag[1] waar hij werkte in de ateliers van Maximilian Pirner[2] en publicaties van de pas opgerichte Mánes Unie voor Schone Kunsten, onder leiding van zijn oude vriend Aleš, uitgaf. Twee jaar later ontving hij een staatsbeurs om in Parijs te studeren, waar hij een exposeerde in de ateliers van Pierre-Victor Galland. In 1891 is hij getrouwd. Het jaar daarop, na de dood van Galland, gaf hij zijn studiebeurs op om freelance kunstenaar te worden.[1] Hij bleef illustraties maken voor tijdschriften en boeken van Tsjechische auteurs en ontving een gouden medaille op een tentoonstelling in München in 1892. Later nam hij de Art Nouveau-stijl over en begon hij orders te krijgen voor affiches. In 1895 werd hij verkozen tot lid van de “Tsjechische Academie van Kunsten en Wetenschappen [cs]”.

In 1897 keerde hij terug naar Praag, waar hij voorstelde een gigantisch panorama van de Slag om Lipany te creëren voor een komende tentoonstelling. Zijn voorstel werd aanvaard en na het maken van schetsen op het slagveld begon hij begin 1898 met zijn werk. Hij werkte samen met Karel Raška (1861-1918), de landschapsschilder Václav Jansa, de colorist Theodor Hilšer (1866-1930) en de dierenschilder Ludvík Vacátko [cs]. Het panorama is 11 meter hoog en 95 meter lang. De stress om dit enorme werk op tijd af te ronden had een fataal effect op zijn toch al kwetsbare gezondheid en hij stierf kort nadat het in 1898 werd tentoongesteld. Het jaar daarop werd een grote overzichtstentoonstelling van zijn werk gehouden.[1] Er zijn drie straten naar hem vernoemd; in Děčín, Kladno en Praag.

(Bron:Wikipedia)

Read article

(originally posted on Flickr by eriwst at https://www.flickr.com/photos/37977505@N00/3448608210. It was reviewed on 11 d'abril de 2011 by FlickreviewR and was confirmed to be licensed under the terms of the cc-by-sa-2.0.

157

Typisch Europa (3): De scooter

Design, Lifestyle

mei 18, 2020

 

(originally posted on Flickr by eriwst at https://www.flickr.com/photos/37977505@N00/3448608210. It was reviewed on 11 d'abril de 2011 by FlickreviewR and was confirmed to be licensed under the terms of the cc-by-sa-2.0.

Scooterrijder op de Avenida Do Mar, Funchal, Madeira Island op 21 maart 2009, Door: Eric Wüstenhagen uit Hamburg, Duitsland. Via de Creative Commons

Eigenlijk is de scooter in de Verenigde Staten ontstaan zo rond 1916 als autoped. Wij kennen hem als kinderspeelgoed de step. In mijn kindertijd noemde wij die ook autoped. Een treeplank met aan de voor- en achterzijde een wiel waarbij het voorwiel vastzit aan een vork en stuur. Dat ‘ped’ is van pedaal en het Franse pied, voet.  Autoped betekent dan zoiets van vanzelf lopen. De Amerikaanse autoped had vanaf het begin als een klein motortje dat het achterwiel aandreef.

Het zelfstandig naamwoord scooter komt van het Engelse werkwoord to scoot wat zoiets betekent als de benen nemen, er vandoor gaan. Het ontstond waarschijnlijk in de negentiende eeuw, als zeeliedenbargoens, verwant aan to shoot, schieten. Het betekent dan zoiets als vliegensvlug. ‘Ik vlieg al!’, ‘I am scooting!’ In een oogwenk iets doen.

 

Voorbereidingen_voor_de_motorscooter_enz,_tentoonstellin_in_de_RAI, Bron/auteursrecht: Nationaal Archief

Voorbereidingen_voor_de_motorscooter_enz,_tentoonstellin_in_de_RAI, Bron/auteursrecht: Nationaal Archief

De fiets is aan het einde van de achttiende eeuw ontstaan als loopfiets (snel-loper of vélocipède) dus eigenlijk een soort step maar dan met een zadel. De fiets met trapstel ontstond in 1885 dankzij John Kemp Starley. Door de kettingaandrijving van het crankstel naar de achteras was het mogelijk een gunstig verzet te krijgen. Door de voorvork onder een schuine hoek te plaatsen, kwam het draaipunt van het voorwiel te liggen achter het draaipunt van het stuur zodat het voorwiel bij voorwaartse beweging van de fiets ‘naloopt’. Net zoals de wieltjes van een supermarktkarretje altijd in de rijrichting gaan staan, doet een fietsstuur dat ook – zodat je met losse handen kunt fietsen.

Uit de fiets evolueerde de ‘motorfiets’ en de lichtere ‘fiets met hulpmotor’ die we nu brommer of bromfiets noemen. De scooter heeft daarbij een lager zwaartepunt dan de motorfiets en de brommer en dat maakt hem stabieler, hij gaat minder gauw slingeren. Dat zit zo: De motor van een motorfiets hangt in het midden in het frame en drijft via een ketting het achterwiel aan. De motor van een scooter zit direct aan het achterwiel, het gewicht bevindt zich lager.

De scooter kwam in de nadagen van de Tweede Wereldoorlog met Britse en Amerikaanse parachutisten naar Europa. Na het einde van de oorlog werden twee producenten bekend met scooters: Heinkel uit Duitsland en Piaggio uit Italië, die allebei gevechtsvliegtuigen hadden gebouwd maar vliegtuigbouw was de beide landen na de capitulatie verboden. De eenzijdige, asymmetrische wielophanging in de Piaggio ‘Vespa’ was afgeleid van de neuswielbevestiging van de vliegtuigen die ze hadden gebouwd.

Heinkel stopte in 1965 met de productie van de Tourist waarvan er zo’n 100.000 zijn gemaakt. Piaggio bleef bestaan en maakte van de scooter die Vespa heette een groot succes. De naam Vespa (wesp) is geïnspireerd door de wespachtige vorm: stuurkolom als voorlijf en motorhuis als achterlijf. De Vespa maakten bovendien een vrij zacht, ‘zoemend’ geluid, minder lawaaiig dan brommers en motoren. Er zijn er meer dan vijftien miljoen van gebouwd. Van type- of modelnaam werd Vespa een eigen merk binnen Piaggio.

3_nsu-vehicle-motor-scooter-motorcycle-wallpaper

De vraag is waar dit enorme succes aan te danken is. Als enige scooter heeft de Vespa een volledig zelfdragende carrosserie zodat geen intern buizenframe nodig is binnen de behuizing. Dat maakt het voertuig licht en stijf. Italië bleek van meet af aan een goede afzetmarkt. Veel Italiaanse steden hebben nauwe straatjes waar auto’s zich moeilijk laten manoeuvreren. Een scooter is daar, met name voor vrouwen, dankzij zijn lage instap en comfortabele zitpositie met beide benen naast elkaar op de treeplank, een buitengewoon prettig en praktisch vervoermiddel.

De scooter is in Nederland met de opkomst van de auto in de jaren zestig uit de gratie geraakt. Een brommer bleef een fiets met hulpmotor omdat je er ook mee kon fietsen – in theorie dan. De scooter werd wettelijk een soort motorfiets. In 1990 liet de Nederlandse overheid dat onzinnige onderscheid varen en viel de scooter onder het langzame verkeer. Als hij niet sneller kan dan 25 kilometer per uur is bovendien een helm niet verplicht. Sindsdien is het aantal gestaag toegenomen tot ongeveer een miljoen voertuigen op dit moment.

De scooter is een vast element in het Europese straatbeeld geworden.

Read article

Typisch Europa (1): Speelgoedbouwdozen

Culture, Design, Lifestyle

mei 15, 2020

 

Zoeken naar De ziel van Europa begint met je afvragen wat nou typisch Europees is. Iedereen die de moeite neemt om daar over na te denken kan een lijstje met onderwerpen, zaken, daar over aanleggen.

Onlangs was ik in New York en daar is op Fifth Avenue een enorme Lego-speelgoedwinkel. Het staat niet vast dat het speelgoed in Europa is uitgevonden, maar het moderne kinderspeelgoed ontstond er in de loop van de negentiende eeuw en nam in de twintigste eeuw een hoge vlucht dankzij industriele productiemethoden die in Europa in zwang kwamen. Wie kent niet de blokkendozen met houten of stenen bouwblokjes. Speelgoed maken werd goedkoop en zo konden mensen met een kleine beurs het betalen.

Vervolgens namen ook allerlei andere open speelgoedsystemen zoals het Britse (made in England) Meccano (tegenwoordig Frans!) en het Deense Lego een enorme vlucht maar vergeet ook het Duitse Play

 

Meccano1922

 

 

 

Mobil, eveneens Duitse Fischer Technik, het Duits/Hongaarse Plasticant en het Italiaanse Bambino en Autostrada niet, en in de jaren 1990 het Amerikaanse K’Nex.

Al die open systemen bestaan doorgaans uit in aanleg abstracte elementen zoals staafjes, strips, platen, blokjes die door middel van klikken, inhaken, of met schroefjes en moertjes aan elkaar te bevestigen zijn. Kinderen kunnen zo spelenderwijs bestaande objecten nabouwen uit de grote mensenwereld zoals huizen, auto’s en dergelijke. Het is enorm goed voor de ontwikkeling van het kinderbrein: je leert ruimtelijk denken, het prikkelt je fantasie en test je vindingrijkheid.

Europa je bent speels.

http://www.girdersandgears.com/index.html

https://www.toyindustries.eu/

https://www.spielwarenmesse.de/magazine//language/1/

Read article

10-Bertoni-Wereldmerken_Citroen_DS-1b

181

Typisch Europa (2): Een godin op wielen

Culture, Design, Lifestyle

mei 14, 2020

10-Bertoni-Wereldmerken_Citroen_DS-1b

 

 

In 1955 kwam Citroen met de DS, een auto die alle ontwerpconventies van die tijd tartte en alle bestaande luxe personenauto ‘s in een klap gedateerd en doorsnee maakte. Deze snoek. Dit strijkijzer. Hij rijdt niet. Als hij zich voortbeweegt houdt dat het midden tussen varen en vliegen. Een soort zweven op een luchtkussen. Hij – of liever zij want DS, déesse, betekent in het Frans godin – heeft geen grill, geen chrome opsmuk aan de buitenkant. De auto belichaamt een buitenaards soort lichtheid. Veel mensen beschouwen de Citroën DS daarom als de mooiste auto ooit gebouwd. Deze bijzondere samensmelting van revolutionaire techniek en vooruitstrevende vormgeving was het kroonstuk op de carrière van André Lefebvre, ontwerper van enkele van de meest karakteristieke auto’s van de twintigste eeuw.

Lefebvre geboren in 1894, was kort voor de Eerste Wereldoorlog vliegtuigtechniek gaan studeren aan de Ecole Supérieure de l’Aéronautique et de Construction Mécanique (Supaéro) in Montmartre. In 1916 werd Lefebvre om gezondheidsredenen afgekeurd als soldaat en kwam hij in 1916 in dienst van de vliegtuigfabriek van Gabriel Voisin, een van Frankrijks belangrijkste luchtvaartpioniers.

Na de oorlog ging Voisin auto’s bouwen. Lefebvre concentreerde zich bij Voisin gedurende de jaren twintig vooral op racewagens. Geïnspireerd door vliegtuigtechniek ontwikkelde hij onder meer vooruitstrevende carrosserieën opgebouwd uit een lichtgewicht skelet van essenhout met stalen versterkingen en krachtdragende aluminium panelen.

De racewagens van Lefebvre vestigden talloze wereldrecords.

Na de beurskrach van 1929 nam de verkoop van Voisins luxe automodellen af. Lefebvre kwam begin 1933 op voorspraak van Voisin in dienst van Citroën waar hij hielp de bekende 7CV Traction Avant te ontwikkelen. In oktober 1934 werd het model gepresenteerd op de autosalon van Parijs. De ontwikkeling van de TA was echter zo duur geweest dat het leidde tot het faillissement van Citroën. Als belangrijkste schuldeiser nam bandenfabrikant Michelin, onder leiding van Pierre Michelin en Pierre-Jules Boulangier, de fabriek over.

Boulangier liet vanaf 1935 uitgebreid marktonderzoek doen naar een nieuwe bestelbus en naar een kleine betaalbare auto voor Frankrijks grote boerenbevolking. In de Toute Petite Voiture (TPV) moesten twee boeren met 200 kg aan landbouwproducten met een snelheid van 60 km/h naar de markt kunnen rijden over modderige onverharde wegen. De auto moest zelfs over een omgeploegd weiland kunnen rijden met een mand eieren zonder dat ook maar één ei zou sneuvelen.

 

 

00-ds 1b

 

 

In het diepste geheim, zonder dat Duitse bezetters er van wist, werkten Boulangier en Lefebvre aan de opvolger van de TA, de Voiture à Grande Diffusion (VGD) wat later de DS zou worden. Carosserie-ontwerper Bertoni had in de periode 1935 tot en met 1939 al verschillende ontwerptekeningen gemaakt voor de VGD, maar daar was het bij gebleven.

De 2CV werd in 1948 gepresenteerd op de autosalon van Parijs. Boulangier gaf ook groen licht voor de doorontwikkeling van de VGD, de opvolger voor de toen al veertien jaar oude TA.

Boulangier wilde alle concurrentie achter zich laten, maar zou de uitontwikkeling van het project nooit meemaken. Hij overleed in 1950 tijdens een auto-ongeluk in zijn TA op weg van de Michelin-fabriek in Clermont-Ferrand naar Parijs.

Lefebvre kreeg onder de nieuwe leiding van Robert Puiseux en Pierre Bercot de vrije hand in het ontwerp van de VGD. Uit de ontwerprichtlijnen voor de VGD blijkt dat het rijcomfort van de auto voorop stond. Zo moest de auto een veersysteem krijgen dat een nieuwe standaard in rijcomfort zou neerzetten en lichte, maar directe besturing, krachtige remmen en een hoge stabiliteit op de weg. Het chassis moest lichtgewicht, maar sterk zijn, het interieur licht en ruim met comfortabele stoelen. Functionele toepassing van aerodynamica zou het vermogen en het brandstofverbruik ten goede komen.

In Lefebvres ingenieursteam zat onder anderen hydraulicaspecialist Magès, die zijn idee voor een hydropneumatisch veersysteem doorontwikkelde voor toepassing op de VGD. Lefebvres medewerkers Jacques Leonzi en Maurice Laurain zetten alle ideeën om in bruikbare werktekeningen. Walter Becchia en Charles Poillot waren verantwoordelijk voor de motor, het type D Speciale, waar vermoedelijk de modelnaam DS voor het VGD-project vandaan komt.

De ervaringen met de 2CV dienden als de basis voor de constructie van de VGD of DS. Net als de 2CV kreeg de DS een platformchassis met een stalen carrosserie waarvan de deuren en spatborden gemakkelijk afneembaar zijn voor reparatie. De viercilindermotor lag achter de vooras en stak praktisch het passagierscompartiment in. Het meeste gewicht van de auto rustte op de voorwielen, wat ook bij de 2CV en Lefebvres andere creaties voor Citroën en Voison het geval is. En evenals bij Lefebvres ontwerp voor de Voisin C6 Laboratoire uit 1923 was de spoorbreedte voor breder dan achter om de stroomlijnvorm van de carrosserie ten goede te komen.

Bertoni en zijn assistent Pierre Bosse zette de ontwerprichtlijnen van Lefebvre om in ontelbare ontwerpschetsen en modelstudies voor de carrosserievorm. De aanvankelijke pogingen tot restyling van de TA werden al snel opgevolgd door totaal nieuwe ontwerpen met stroomlijncarrosserieën. De stalen carrosserie was bijzonder glad en werd alleen onderbroken door karakteristieke rechtopstaande koplampen. Raamlijsten werden geëlimineerd. Een zeer kenmerkend detail werd door Bertoni pas zes maanden voor de officiële introductie bedacht: hij doorbrak de aflopende daklijn met een schuin geplaatste, naar de zijkanten toe bol lopende achterruit. Bijzonder was ook het gebruik van moderne kunststoffen voor onder meer het dak en het dashboard. Uit het plastic dashboard stak geen bakelieten stuur, maar een elegant dun stuurwiel met één centrale spaak, die vloeiend in het dashboard verdween.

De officiële introductie van de Citroën DS vond plaats op de autosalon van Parijs in 1955. De DS was niet alleen een revolutionaire, maar naast veel van de concurrentie ook een bijzonder elegante verschijning. De Franse fabrikanten toonden hoofdzakelijk tamelijk ingetogen modellen, zoals de Peugeot 403 en de Renault Frégate, terwijl de Amerikanen naar de andere kant waren doorgeslagen met steeds grotere en loggere modellen op zware ouderwetse chassis die over de weg zwabberden.

De Citroën DS was het eerste naoorlogse model dat volledig was gericht op ultiem rijcomfort. Dankzij het hydropneumatische veersysteem zweefden de auto’s over de weg en kregen al snel de bijnaam La Déesse (de Godin). De DS was bovendien Europa’s eerste serieproductiemodel met schijfremmen. Deze waren pas twee jaar eerder voor het eerst succesvol toegepast op de racewagen Jaguar C-Type.

Bertoni’s leerling en opvolger Robert Opron gaf de DS in 1968 een nieuwe neus met dubbele, achter glas geplaatste koplampen, waarvan de middelste lampen op de meeste uitvoeringen meedraaiden met het stuur. De DS werd in 1974 opgevolgd door de CX en ging een jaar later uit productie. De 2CV ging nog vijftien jaar langer mee: het laatste model rolde in 1990 van de lopende band. Lefebvre heeft tijdens zijn unieke carrière enkele van de meest geliefde automodellen van de twintigste eeuw ontwikkeld.

(Deze tekst  is samengevat uit een artikel van ing. Paul Schilperoord in De Ingenieur, nummer 18/19, 2011. Met dank aan Gijsbert-Paul Berk, auteur van het boek ‘André Lefebvre and The Cars He Created for Voisin and Citroën’.)

Read article

VolkswagenKeverRestauratie

218

De Volkswagen Kever is een Joodse uitvinding

Design, Uncategorized

januari 30, 2020

De Volkswagen Kever, een van de beroemdste auto’s aller tijden, kwam in 1938 op de markt, naar een in opdracht van Adolf Hitler gemaakt ontwerp van Ferdinand Porsche. De bijdrage van de Joodse auto-ingenieur Josef Ganz werd zorgvuldig verzwegen. Op dinsdag 4 februari, om 22.25 uur, vertoont NPO de documentaire Ganz: How I Lost My Beetle (NPO 2).

 

De documentaire reconstrueert het levensverhaal van Ganz (1989-1967), de auto-ingenieur en -journalist die Duitsland verraste toen hij in 1932 in een revolutionaire kleine auto verscheen. Het was zijn droom: een lichte en wendbare auto die voor iedereen te betalen was. Hitler, net aan de macht, deelde zijn droom. Alleen was er in zijn Duitsland geen plek voor de Joodse uitvinder Ganz. De documentaire vertelt het tragische verhaal van de man wiens ontwerpen en ideeën leidden tot de uitvinding van de Volkswagen Kever, maar die uiteindelijk alles kwijtraakte.
Samen met familieleden probeert journalist en Ganz’ biograaf Paul Schilperoord de nalatenschap van Jozef Ganz bekendheid te geven en letterlijk weer op de weg te krijgen.

bit.ly/ganzhilmb

https://www.autointernationaal.nl/2018/12/volkswagen-repareert-haar-imago-met-restauratie-van-een-kever/

Read article

Vredespaleis. Dukker, G.J. 1993. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. CC BY-SA

1283

Grenzeloze liefde in Europa

Design, Lifestyle

juni 7, 2018

Europeana.eu stelt mensen in staat de digitale bronnen van Europese galerijen, musea, bibliotheken, archieven en audiovisuele collecties te verkennen. Op deze blog kunt u schatten uit de open contentarchieven van Europeana ontdekken, evenals informatie over speciale evenementen en dingen waar we aan werken.

Onlangs zijn we begonnen met het verzamelen van persoonlijke verhalen van mensen uit heel Europa met betrekking tot migratie.

Onze nieuwe korte blogserie, Love across borders, is geïnspireerd op collecties die tijdens dit project zijn ontdekt, met verhalen over romantiek en liefde die te maken hebben met migratie. Lees verder om te zien hoe nieuwe verbindingen en relaties niet mogelijk zouden zijn geweest zonder mensen die over de hele wereld verhuizen!

Het Vredespaleis in Den Haag staat vooral bekend om zijn wereldwijde betekenis voor de wereldvrede. Maar vandaag zou het er totaal anders uitzien als er niet een bijzonder echtpaar: aan het meegewerkt: Herman Rosse en Sophia Helena Luyt.

Beiden zijn geboren in Den Haag en midden jaren 1920 begonnen ze te werken op de bouwplaats van het Vredespaleis. Herman had al veel verschillende plaatsen gezien. Na zijn studie architectuur en design aan de Haagse Kunstacademie, ging hij studeren in Londen en Stanford, Californië. Hoewel hij jong was, werd hij ingehuurd om de meeste decoratieve interieurontwerpen voor het Vredespaleis te maken van 1911 tot 1913, waarbij hij werkte aan de schilderijen, kleurrijke ramen, tegels en marqueterie.

Maar al de schoonheid die hij creëerde leidde hem niet af van een bepaalde vrouw die in de buurt van hem. Sophia Helena Luyt was een landschapskunstenaar die verantwoordelijk was voor het creëren en ontwerpen van de tuinen die het Vredespaleis omringen, dat vandaag het hele jaar door bezoekers trekt.

Hij was zo verliefd op haar en zag haar elke dag door lege gaten waar we vandaag verbazingwekkend glas in lood zien, dat hij haar schoonheid in een van zijn kunstwerken vastlegde: Een van de godinnen geschilderd op het plafond van de grote hal heeft het gezicht van Sophia.

Vertaald met www.DeepL.com/Translator

http://blog.europeana.eu/tag/love-across-borders/

Vredespaleis. Dukker, G.J. 1993. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. CC BY-SA

Vredespaleis. Dukker, G.J. 1993. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. CC BY-SA

Read article

Schermafbeelding 2017-06-09 om 12.37.41

2055

TEE-trein reed zestig jaar geleden voor het eerst door Europa

Design, Travel

juni 9, 2017

 

Schermafbeelding 2017-06-09 om 12.23.42

60 jaar geleden, op 2 juni 1957, reed de eerste Trans Europ Express. De TEE vormde een legendarische episode uit de naoorlogse Europese spoorweghistorie. Gezamenlijk gingen acht spoorwegmaatschappijen de concurrentie aan met het opkomende vliegverkeer. De moderne en snelle treinen met uitsluitend eersteklas zitplaatsen — met toeslag — waren vooral gericht op zakenreizigers.

In 1957 verbond het TEE-netwerk 70 Europese steden. Twintig jaar later waren het er 130. Niet alleen spoortechnisch was de TEE vernieuwend, maar ook wat betreft design. De opvallend vormgegeven treinstellen in de kleuren rood-crème droegen bij aan de legende. De herkenbare vormen van deze treinen waren erg geschikt om dienst te doen op affiches ter promotie van de TEE.

door

Lees Arjan’s hele artikel op het onvolprezen http://retours.eu/nl/14-design-trans-europ-express/

Read article